Gemeentelijke meerwaardebelasting en erfenissen: de gemeente kan de aangegeven verkrijgingswaarde controleren als deze niet de marktwaarde op de overlijdensdatum weerspiegelt (DGT V0406/2026)

De Spaanse Directie-Generaal Belastingen bevestigt dat de gemeente een waardecontroleprocedure kan starten in de IIVTNU (gemeentelijke meerwaardebelasting) wanneer de belastingplichtige als verkrijgingswaarde de huidige marktwaarde aangeeft in plaats van de werkelijke marktwaarde op de overlijdensdatum. Praktische gids voor de Costa Blanca.

Een bindende ruling die het bewijs van geen waardestijging verandert

De Bindende Consultatie V0406/2026 van 26 februari 2026 van de Spaanse Directie-Generaal Belastingen (DGT) verduidelijkt een veelvoorkomende vraag bij de verkoop van onroerend goed dat geheel of gedeeltelijk uit een erfenis komt: welke verkrijgingswaarde moet worden gebruikt voor de IIVTNU (gemeentelijke meerwaardebelasting, "plusvalía") en welke bevoegdheden heeft de gemeente om die te herzien?

Het antwoord is duidelijk: de verkrijgingswaarde voor IIVTNU-doeleinden is de marktwaarde op de datum van overlijden van de erflater en, indien de aangegeven waarde daar niet mee overeenstemt, kan de gemeente een waardecontroleprocedure starten.

1. De casus: verkoop na gemengde verkrijging (aankoop + erfenis)

De belastingplichtige wilde een stedelijk perceel verkopen met een bijzondere herkomst:

  • De ene helft door aankoop verkregen.
  • De andere helft ontvangen bij het overlijden van de moeder, met een Spaanse successiebelasting (ISD) die te laat werd ingediend, op het moment van de aanvaardings- en toedelingsakte.

De vraag was of die late ISD-aangifte de toepassing van de niet-belastbaarheidsregel van art. 104.5 TRLRHL belette (wanneer wordt aangetoond dat er geen waardestijging van de grond is geweest).

2. Eén overdracht = één belastbaar feit

De DGT herinnert eraan dat de IIVTNU ontstaat bij eigendomsoverdracht van de grond. Ook als het goed op verschillende momenten is verworven (deels door aankoop, deels door erfenis), levert een verkoop in één enkele transactie één enkel belastbaar feit op en dus één enkele heffing.

Om vast te stellen of de niet-belastbaarheid van art. 104.5 geldt of de werkelijke methode van art. 107.5 TRLRHL moet worden toegepast:

  • Wordt de overdrachtswaarde (één) vergeleken met de verkrijgingswaarde, die één waarde of meerdere deelwaarden kan zijn die worden opgeteld tot een totale verkrijgingswaarde.
  • Is het resultaat negatief, dan geldt de niet-belastbaarheid.
  • Is het resultaat positief, dan wordt het vergeleken met de objectieve grondslag (kadastrale coëfficiënten) en wordt de laagste gekozen.

> Kerngedachte: de berekening is globaal, niet deelsgewijs: er worden geen twee aparte plusvalías gemaakt enkel omdat de eigendom twee verschillende oorsprongen heeft.